Diaconie

Diaconaat is afgeleid van het Griekse woord dat ‘dienen’ betekent. Diaconaat wil dus zeggen ‘dienstbaar zijn’: oog en oor hebben voor mensen en groepen mensen in knelsituaties en voor maatschappelijke factoren die deze veroorzaken. De Heere Jezus spreekt hier Zelf over in Lukas 22:27b: ‘Ik echter ben in uw midden als Iemand die dient.’

De taak van de diaconie
In de eerste plaats is de diaken lid van de kerkenraad en draagt daardoor medeverantwoordelijkheid voor het wel en wee van de gemeente in de breedst mogelijke zin. De diakenen zijn in het bijzonder geroepen tot:

  • De dienst van barmhartigheid en gerechtigheid in gemeente en wereld, in het bijzonder door bijstand en vertroosting aan hen die verpleging en verzorging behoeven, die moeilijkheden hebben in het gezinsleven, die maatschappelijk zijn ontspoord of zich in stoffelijke nood bevinden;
  • De dienst aan de avondmaalstafel en het inzamelen van de liefdegaven;
  • De toerusting van de gemeente tot het vervullen van haar diaconale roeping.

De gemeente vervult haar diaconale roeping in de kerk en in de wereld door te delen wat haar aan gaven geschonken is, te helpen waar geen helper is en te getuigen van de gerechtigheid van God waar onrecht geschiedt. Diaconaat is niet alleen een taak voor diakenen, maar van ieder gemeentelid persoonlijk. De gemeente is in al haar leden geroepen tot de dienst der barmhartigheid. Dat diakenen zich hier in het bijzonder mee bezighouden ontslaat de gemeente niet van haar verantwoordelijkheid voor deze taak.

Het college van diakenen bestaat uit de volgende personen:

  • Dhr. J.C. op ’t Hof (voorzitter)
  • Dhr. S.S. de Jager (secretaris)
  • Dhr. E. van Veenschoten (penningmeester)